Namen & Plaatsen

Stolpersteine

Stolpersteine is een project van de Duitse kunstenaar Gunter Demnig. Hij brengt gedenktekens aan op het trottoir voor de huizen van mensen die door de nazi's verdreven, gedeporteerd, ver­moord of tot zelfmoord gedreven zijn.

Stolpersteine aanvragen
Geplaatste stolpersteine

Scholen

We hebben speciaal voor scholen een onderwijspakket samengesteld om de Joodse geschiedenis in Rotterdam, voor, tijdens en na de tweede wereldoorlog onder de aandacht te brengen. En dan die van kinderen in het bijzonder.

Contact

Kent u iemand, die onze website zou kunnen aanvullen met informatie, documenten, foto's, of op een andere wijze een bijdrage zou kunnen leveren aan deze website? Wilt u zich inzetten voor Stichting Loods 24 en Joods Kindermonument, uw betrokkenheid en interesse meer concreet tonen? Neem dan aub contact met ons op.

Neem contact op

Do you know someone who may have information, documentation, photographs or can contribute to this website in any other way? Please don't hesitate to contact us.

Contact us

Nieuws

Jaarlijkse Herdenking op zondag 30 juli 2017

Zondag 30 juli 2017 wordt bij de “Muur” en het Joods Kindermonument op de Eva Cohen-Hartogkade aan de Stieltjesstraat te Rotterdam herdacht dat vanuit Loods 24 op 30 juli 1942 de deportaties begonnen van Joodse Rotterdammers en joden van de Zuid-Hollandse eilanden.
Aanvang van deze jaarlijkse herdenking om 20.00 uur. 

Stolpersteine op 4 mei 2017 geplaatst

Stichting Loods24 en Joods Kindermonument te Rotterdam hebben op 4 mei, samen met aanvragers, Stolpersteine op diverse adressen in Rotterdam geplaatst.

Enkele foto's van de Stolpersteine plaatsing op 4 mei 2017:

 

Miniconferentie "Onderwijs over de Holocaust" gehouden op 22 maart 2017

Staatssecretaris Sander Dekker heeft, op uitnodiging van Stichting Loods 24 en Joods Kindermonument, de miniconferentie op het Stadsarchief Rotterdam geopend voor docenten en leerkrachten uit het onderwijs.

Naar het Nos Nieuws artikel

Naar het nederlandsdagblad artikel

Toespraak staatssecretaris onderwijs Sander Dekker:

Dames en heren,

Wat goed dat u er allemaal bent, bij deze miniconferentie over het Holocaustonderwijs.
Ik zie hier de dragers van het Rotterdamse voortgezet onderwijs voor me; leraren, schoolleiders en bestuurders.

U neemt uw opdracht in het onderwijs serieus.
Dat blijkt wel uit het feit dat u hier naartoe gekomen bent.
Daarmee laat u zien dat u zinvol onderwijs wilt aanbieden en resultaten boeken.   

Ik wil u bij deze aftrap van uw conferentie extra aanmoedigen om ook op het lastige terrein van onderwijs over de holocaust, alles uit de kast te halen.
Zodat ook de lessen daarover maximale impact hebben op uw leerlingen.

De Jodenvervolging heeft een diepe wond geslagen in onze samenleving.
Uw stad telde vóór de Tweede Wereldoorlog een levendige gemeenschap van zo’n dertienduizend Joden.
Zoals in de Tweede Wereldoorlog het hart van Rotterdam is verpulverd, zo is ook die gemeenschap weggevaagd.
Hier en overal elders in het land.
Dat zal altijd een pijnlijke plek blijven, waar de huid dun is en nieuwe kwetsuren op de loer liggen.
De Holocaust is dus niet voor niks een vast onderdeel van het curriculum.
Onderwijs is dé manier om generatie op generatie respectvol te leren omgaan met kwetsbaarheden in de samenleving.

Kijk, ik kreeg vroeger thuis, en waarschijnlijk is dat voor u hetzelfde, met de paplepel ingegoten dat de Jodenvervolging een afschuwelijk hoofdstuk is uit onze geschiedenis.
Op 4 mei gingen we met het hele gezin naar een speciale dienst in de gereformeerde kerk in Zoetermeer.
Van daaruit liepen we in optocht naar het oorlogsmonument. De kerkdienst, de optocht, de twee minuten stilte;
het maakte indruk.
Je voelde als kind: dit is een serieuze zaak.
Maar voor veel jongeren van vandaag, de jongeren op uw scholen en in uw klassen, ligt het anders.
Voor hen lijkt de Tweede Wereldoorlog lang geleden.
Onze vrijheid is voor hen gewoon.

Dat is goed te begrijpen.
Er zijn immers steeds minder mensen die hen uit de eerste hand kunnen vertellen over hoe anders het was in de oorlogsjaren. 
U hebt daarnaast in meer of mindere mate te maken met leerlingen die de geschiedenis van de Holocaust verbinden met de veel recentere gebeurtenissen in het Midden-Oosten en de rol van Israël daarbij.
Dat geldt in de grote steden nog meer dan elders.
U komt in de klas ook jongeren tegen die thuis geen inzicht in het verleden meekrijgen, maar hedendaagse vooroordelen tegen Joden.
Een les kan leiden tot heftige reacties.
De vraag is wat je dan doet.
Ga je het uit de weg of durf je het gesprek aan te gaan?
Ik ben ontzettend blij met deze conferentie, omdat de boodschap hier is: breek het open en ga de discussie aan!
Wie Nederland wil begrijpen, moet ook dat deel van onze geschiedenis kennen en doorgronden.
Projecten zoals die straks aan de orde komen in de workshops, kunnen helpen om voor jongeren de betekenis van de holocaust te duiden.
Het Holocaustonderwijs hoort bij het vak geschiedenis.
Het is extra belangrijk in deze tijd van nepnieuws en ongerijmde kreten vanaf de buitengrenzen van de EU.
Juist op zo’n moment doet het ertoe dat jongeren feiten van fictie kunnen onderscheiden.
Zodat zij weten wat het nazisme en fascisme behelsden en niet trappen in gemakzuchtige en stupide vergelijkingen.
Dat sluit goed aan bij een gesprek over tolerantie, over de betekenis van vrijheid, over opkomen voor je rechten en die van anderen.
Nederland heeft in de oorlogsjaren minder verzet geboden tegen de Jodenvervolging dan andere landen. 
Dat maakt het onderwerp er niet eenvoudiger op, maar tegelijkertijd biedt het wel stof voor een eerlijk gesprek over de vraag wat wij zelf zouden hebben gedaan, als we toen hadden geleefd.

De vraag is: hoe pak je het aan?
Hoe kom je binnen bij ongeïnteresseerde jongeren, bij leerlingen met vooroordelen, bij jongens en meisjes voor wie antisemitisme geen taboe is?

Vandaag gaat u daarmee aan de slag.
U wisselt ervaringen uit en u krijgt goede voorbeelden voorgeschoteld.
Zoals van geschiedenisleraar Stefan Kras van het Avicenna College.
Hij heeft een bijzondere aanpak bedacht, die ik graag wil aanstippen, als voorproefje van wat u vandaag kunt verwachten.
In zijn lessen over de Holocaust stelt Kras zijn leerlingen voor aan David Raap.
Een gewone Rotterdamse jongen.
Dezelfde leeftijd als zijzelf.
Een jongen met wie ze in de klas hadden kunnen zitten.
Maar ook een jongen zonder toekomst.
Want David Raap werd in 1942 opgepakt en weggevoerd. In Sobibor werd hij zonder pardon de gaskamers ingestuurd. Hij heeft nooit een kans gehad, zelfs niet een kleine, om de holocaust te overleven.   

Via dat tragische verhaal brengt Kras de Jodenvernietiging dichterbij en ontsluit hij de interesse om meer te weten te komen over hoe dit heeft kunnen gebeuren.
Onderwijs over de Holocaust vergt zo’n ingang.
Het vergt lef en creativiteit.
En het vergt vooral veel geduld om stap voor stap leerlingen bij te brengen wat er 75 jaar geleden is gebeurd met David Raap en al die anderen.
En waarom wij in Nederland die geschiedenis en de lessen die we ervan hebben geleerd nooit meer willen vergeten. 
Dames en heren,
Het is dus – ik zeg het nog eens – heel goed dat u hier bent om ideeën en inspiratie op te doen.
Ik wil de organisatie hartelijk danken voor dit moedige initiatief.
Met elkaar helpt u een nieuwe generatie jongeren op weg, door hen mee terug te nemen naar het verleden.
Juist daardoor stelt u hen in staat bij te dragen aan de toekomst van ons allemaal.
Een toekomst waarin vrijheid en verdraagzaamheid altijd voorop zullen staan.

Sander Dekker, Staatssecretaris(demissionair) Onderwijs

Bijdrage drs. S.N. Kras, docent geschiedenis | Decaan Havo-VWO | Islamitisch Voortgezet Onderwijs Avicenna college:

Hoe zorg je voor betrokkenheid van leerlingen bij het lesgeven over de Holocaust? Het Holocaustinstituut Yad Vashem in Jeruzalem geeft hiervoor heldere richtlijnen die goed toe te passen zijn in de les. Ten eerste, zorg dat een individu centraal staat. Er woonden 13.000 Joden in het vooroorlogse Rotterdam; van veel vermoorde Joden is informatie terug te vinden op de website www.joodsmonument.nl; Ten tweede, focus niet primair op het slachtofferschap van Joden. De deportatie en de kampen zijn natuurlijk afschuwelijk, maar het leven vóór de deportatie en (eventueel) na het overleven van de kampen verdient eigenlijk méér aandacht.  Ten derde, maak ook daders menselijk; bijna niemand is uitsluitend goed of slecht, maar mensen kunnen foute keuzes maken en daarin volharden - in hoeverre hebben  mensen bewegingsvrijheid? Yad Vashem gaf het voorbeeld van een treinmachinist die vrijwillig werkte op 'dodentreinen' - zijn enige motivatie was financieel; zijn baan stond niet op het spel. In de Rotterdamse context heb ik gekozen voor politiefunctionarissen - ook de Joodse Raad in Rotterdam kwam aan bod. Wat is goed en slecht?

Carry Ulreich 's Nachts droom ik van vrede' - nieuw oorlogsdagboek

De Nederlandse media heeft veel aandacht besteed aan de publicatie van het dagboek van Carry Ulreich, een vroom Joods Rotterdams meisje, dat bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog 14 jaar is.

De Nederlandse media heeft veel aandacht besteed aan de publicatie van het dagboek van Carry Ulreich, een vroom Joods Rotterdams meisje, dat bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog 14 jaar is. 

Op 17 december 1942 vangt zij aan met het schrijven in haar dagboek en eindigt op 30 mei 1945. Het dagboek geeft op een bijzondere manier de jaren van de familie Ulreich weer.  Allen overleven dankzij onderduik in Rotterdam bij de familie Zijlmans. Deze familie werd na de oorlog door Yad Vashem onderscheiden als Rechtvaardigen onder de Volkeren.

In haar dagboek komen namen voor van Joodse families in Rotterdam van, vóór, tijdens - jeugdige leeftijdsgenoten worden genoemd - en overlevenden ná de oorlog.  Er wordt een goed beeld geschetst van wat sommige Joodse mensen al vroeg in de oorlog wisten over het onheil wat hen te wachten stond. Bijzonder is de passage van Carry Ulreich als zij tewerkgesteld is in Loods 24 aan de Stieltjesstraat ten tijden van de eerste deportatie. 

Carry Ulreich ging na de oorlog op Aliyah en woont vandaag de dag in Rishon Lezion. Zij trouwde en draagt nu de naam Carmela Mass.  Op haar 89e woont zij als weduwe in een bejaardentehuis. Zij kreeg een grote familie met vele klein -en achterkleinkinderen, waarvan zij het aantal niet noemt.

Vandaag, 15 november 2016,  is mevrouw Mass 90 jaar geworden. Uitgeverij Mozaïek en Stichting Loods 24 en Joods Kindermonument hebben de officiële presentatie georganiseerd in samenwerking met Bibliotheek Rotterdam waaraan ook Burgemeester Aboutaleb zijn medewerking heeft verleend.

Het dagboek "'s Nachts droom ik van vrede" kost 21,90 euro, excl. verzendkosten. U kunt het boek hier via onze stichting bestellen.